Het terrein is er woest. Het klimaat ruw. Het leven en landschap somber.

Welkom in Romeins Alphen!

Warmte en vuur

Warmte en vuur

23 November 2025

De vraag hoe de Romeinen hun woningen en verblijven verwarmen, is vooral ingegeven door een moderne kijk op de historie. Tot het midden van de achttiende eeuw is een kleine warmtebron normaal in één ruimte in een heel huis. Meestal brandt hier geen open vuur. De warmte komt van gloeiend materiaal zoals hout of turf.

Romeinen hebben wel kleine kachels van metaal of klei. Die zijn echter niet bepaald veilig. Het gebeurt vaak dat zo’n kleine kachel omvalt en er breekt dan ook vaak brand uit. Vandaar dat er, zeker in de steden, regels zijn. Wie in een appartement woont, heeft pech. Daar is een vuur gewoon niet toegestaan. Er kan daarom niet worden gekookt en er is dus ook geen warmtebron zoals een kachel.

Warm krijgen en warm houden, is gemakkelijker in een kleine ruimte met dikke muren en lage plafonds. Het vermijden van openingen helpt ook. Een enkel klein raam voor een beetje daglicht is voldoende. Een luik en een dik gordijn zijn normaal. Een deur heeft ook vaak een dik gordijn om de kou buiten te houden.

Contubernium

Voor de soldaten in een castellum zijn dat dan ook normale omstandigheden. Een verblijfsruimte van ongeveer 3,5 bij 5 meter in een appartement, het contubernium, is meer dan voldoende voor acht Romeinse mannen. Hier is een warmtebron voor iedereen. Het plafond is laag en het enige kleine raam zit hoog in de achterwand. Er is een luik om het af te sluiten en er is vrijwel zeker een klein dik gordijn. Soms is er een dikke glazen ruit, maar glas is duur en niet overal beschikbaar.

Stromatrassen op zolder

Tussen de verblijfsruimte en de buitendeur zit de wapenkamer. De wapens nemen zo geen plaats in en in de verblijfsruimte is het knus en warm. De mannen slapen op zolder. Omdat de slaapplaatsen boven de verblijfsruimte op een planken vloer liggen, is het hier ook relatief warm. De ruimte is laag en de mannen slapen op stromatrassen dicht bij elkaar. Stromatrassen zijn ook goed voor de warmte, want stro slaat warmte op.

Romeins optimum

Tussen ongeveer 150 BCE en 200 CE heerst een Romeins klimaatoptimum. Dit betekent dat er een aantal honderden jaren een warm, vochtig en vooral stabiel klimaat heerst in het Romeinse Rijk. Ook in onze regio. De temperatuur is ongeveer vergelijkbaar met tegenwoordig of het is iets warmer.