Het terrein is er woest. Het klimaat ruw. Het leven en landschap somber.

Welkom in Romeins Alphen!

Chauken in het waddengebied

Chauken in het waddengebied

26 januari 2024

De Chauken zijn de buren van de Frisii. Zij bewonen het noordoostelijk waddengebied en de kust langs de Noordzee tussen Eems en Elbe. Beide volkeren horen bij de Noordzeecultuur. De Chauken hebben net als de Frisii al vroeg contact met de Romeinen. Later zijn zij vooral berucht om piraterij langs de kust.

De ‘Nederlandse’ lokale bevolking bestaat tijdens de Romeinse overheersing in de tweede en derde eeuw uit Bataven (rivierengebied midden en zuiden), Cananefaten (westen onder de Rijn), Frisii (westen boven de Rijn en wadden) en Chauken (wadden en het noordoosten). De Bataven en Cananefaten zijn door de Romeinse bevolkingspolitiek als stam ontstaan en wonen binnen de Rijksgrenzen. De Frisii en de Chauken wonen al sinds het instellen van de Rijngrens buiten het Romeinse Rijk.

De Cananefaten, Frisii en Chauken wonen in de kustgebieden. De Cananefaten zijn landbouwers en zij houden runderen. De Frisii houden runderen en de Chauken houden vooral schapen, beide beoefenen ook kleinschalige landbouw. In het waddengebied wonen zij op verhogingen in het landschap. Allemaal drijven zij handel met de Romeinen en leveren zij manschappen voor het Romeinse leger.

Noordzeecultuur

De Frisii zijn een bevriend volk en de Chauken zijn barbaarse Germanen. Althans volgens de Romeinen. Vermoedelijk maken zij echter gewoon deel uit van dezelfde Noordzeecultuur en zijn het in dat gebied vooral boeren en handelaren. Uit terpenonderzoek en aardewerkvondsten blijkt dat Frisii en Chauken nauwe banden hebben.

Van de Chauken en de Frisii zijn sporen in het hele Noordzeegebied gevonden: in de kustgebieden van Denemarken, Duitsland, Nederland, België en Engeland. De handel vanuit het waddengebied bestaat uit producten die worden geleverd door runderen en schapen: leer, wol en kaas. Ook spelen de Chauken, en Frisii, een rol in de tussenhandel in barnsteen, pelzen en slaven.

Verdrag

De relatie tussen de Romeinen en de Chauken is in de eerste eeuw vergelijkbaar met die tussen de Romeinen en de Frisii. In dezelfde periode dat er schermutselingen zijn met de Frisii, zijn deze er ook met de Chauken. Net als met de Frisii wordt met de Chauken al voor het begin van de jaartelling een verdrag gesloten door generaal Drusus. Ruime een halve eeuw later, rond het jaar 47, is generaal Corbulo actief in het gebied van de Frisii en de Chauken om de Germaanse regio beter onder controle te krijgen. Op bevel van keizer Claudius trekt Corbulo zich terug en wordt de Rijngrens in dat jaar ingesteld. De Chauken en de Frisii wonen definitief buiten het Romeinse Rijk.

Chauken en het Romeinse leger

De relatie tussen Chauken en Romeinen is niet erg stabiel. Zij zijn vrije Germanen en sluiten zich bij de grote opstanden aan. Zeer waarschijnlijk maken zij deel uit van de Germaanse groepen die in het jaar 9 drie Romeinse legioenen in de pan hakken tijdens de slag in het Teutoburgerwoud. Een van de verloren legioensadelaars wordt later in het Chaukische gebied teruggevonden. Ook zijn zij actief aan de kant van de rebellen tijdens de Bataafse Opstand in 69-70 en vechten zij tegen het Romeinse leger.

Anderzijds dienen Chauken net als Frisii in het Romeinse leger als hulptroepen. Zij zijn ook net als de Frisii gidsen voor het leger in het waddengebied, vooral op het vele onbekende water.

Piraten

In de tweede eeuw maken groepen Chauken naam als piraten. Aan het einde van de eeuw omzeilen zij de Romeinse militaire zone bij de monding van de Oude Rijn en verschijnen langs de Belgische kust in het jaar 173. De piraten worden door het Romeinse leger tot de orde geroepen.

De Chauken, en ook de Frisii, gebruiken boomstamkano’s als vervoermiddel. Dit zijn zowel uitgeholde boomstammen, als verbrede en al dan niet verhoogde kano’s van het Rijnlandse model.

Einde

De Chauken verdwijnen in de derde eeuw net als de Frisii uit de geschiedenisboekjes. De Frisii verdwijnen archeologisch gezien daadwerkelijk, de nieuwe Friezen zijn in de late vijfde eeuw inkomende Angelsaksische landverhuizers. De Chauken veranderen eerder van naam dan van woonplaats. Waarschijnlijk sluiten zij zich in de derde eeuw aan bij de Saksen, of zijn worden Saksen genoemd als zij zich met andere groepen tot een grotere groep verenigen. Zij duiken op in een klassieke en in een vroegmiddeleeuwse vermelding als bewoners van de noordelijke regio.